Zoeken

Woordenboek

A

Aanspraak

Zie pensioenaanspraak. 

ABTN

Zie Actuariële en bedrijfstechnische nota.

Actuariële en bedrijfstechnische nota (ABTN)

Een door de wet voorgeschreven nota waarin de hoofdlijnen van de pensioenregelingen, de financieringsopzet, de sturingsmiddelen, het indexatie- en het beleggingsbeleid en de organisatorische opzet van het pensioenfonds zijn beschreven.

Afkoop

Afkoop betekent dat u een bedrag ineens krijgt uitgekeerd en daardoor vanaf u pensioendatum geen (maandelijkse) pensioenuitkering krijgt. Het afkoopbedrag wordt voor het volgende jaar in december gepubliceerd in de Staatscourant.

AFM

Zie Autoriteit Financiële Markten.

Algemene Nabestaandenwet (Anw)

De Anw is een volksverzekering die nabestaanden voorziet van een nabestaandenpensioen als de nabestaande:

  • een ongehuwd kind onder de 18 jaar heeft;
  • meer dan 45% arbeidsongeschikt is, of;
  • geboren is voor 1950.

De hoogte van de Anw-uitkering is afhankelijk van het inkomen van uw partner. Eigen inkomen wordt op de uitkering in mindering gebracht. 

De Sociale Verzekeringsbank ( SVB) voert de Anw uit. Kijk voor meer informatie op www.svb.nl.

Algemene Ouderdomswet (AOW)

De AOW is een volksverzekering die mannen en vrouwen vanaf hun AOW-leeftijd voorziet van een basispensioen. In het algemeen komt iedereen die in Nederland heeft gewoond en/of gewerkt in aanmerking voor een AOW-pensioen. Afhankelijk van uw geboortejaar en –maand wordt u AOW-leeftijd vastgesteld. Bereken uw AOW-leeftijd met de AOW-calculator.

De hoogte hiervan hangt af van uw persoonlijke omstandigheden. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) voert de AOW uit. Kijk voor meer informatie op www.svb.nl

Anw

Zie Algemene nabestaandenwet.

AOW

Zie Algemene Ouderdomswet.

AOW-gat

Hiermee wordt een tekort aan AOW bedoeld. Mogelijke oorzaken voor een AOW-gat zijn het vervallen van de AOW-partnertoeslag per 1 januari 2015 of onvoldoende AOW-opbouw door verblijf in het buitenland of latere komst naar Nederland.

Attestatie de vita

Een verklaring die periodiek moet worden verstrekt door een uitkeringsgerechtigde die in het buitenland woont. Met deze verklaring, die ondertekend moet zijn door een bevoegde autoriteit, kan worden vastgesteld of de betrokkene nog in leven is.

Autoriteit Financiële Markten

Gedragstoezichthouder: ziet erop toe dat pensioenfondsen duidelijk zeggen wat ze doen en of deelnemers voldoende geïnformeerd worden. AFM gebruikt hiervoor de definitie 'transparantie'.

B

Bedrijfstakpensioenfonds (Bpf)

Dit is een pensioenfonds dat de pensioenregeling voor een hele sector uitvoert. Bij een bedrijfstakpensioenfonds zijn vaak alle bedrijven in een sector verplicht aangesloten. Pensioenfonds Accountancy is een vrijwillig bedrijfstakpensioenfonds.

Beëindigingsbrief

Zie stopbrief.

Bereikbaar pensioen

Het pensioen dat u kunt opbouwen als u tot uw pensioendatum pensioen blijft opbouwen bij Pensioenfonds Accountancy. Op het Uniform Pensioenoverzicht dat u ieder jaar ontvangt, staat hoeveel pensioen u heeft opgebouwd en hoeveel u nog kunt opbouwen als u pensioen blijft opbouwen bij Pensioenfonds Accountancy.

Beroepspensioenfonds

Pensioenfonds dat de pensioenregeling voor vrije beroepsbeoefenaren uitvoert. Voorbeelden van beroepsgroepen die een eigen beroepspensioenfonds hebben zijn de artsen, notarissen, fysiotherapeuten, dierenartsen en verloskundigen.

Beschikbare premieregeling

Zie premieovereenkomst.

Bestuur

Het bestuur is belast met het beleid van het pensioenfonds. Het bestuur is een vertegenwoordiging van de werkgever(s), werknemers (deelnemers) en gepensioneerden in het pensioenfonds. 

Bestuurslid

Een lid van het bestuur van een pensioenfonds.

Bijzonder partnerpensioen

Als u overlijdt, krijgt uw partner een partnerpensioen. Gaat u uit elkaar, dan heeft uw ex-partner ook recht op een partnerpensioen. Dit heet het bijzonder partnerpensioen.

Als u uit elkaar gaat, maken u en uw ex-partner afspraken over de verdeling van het pensioen. Want uw ex-partner heeft namelijk recht op (een deel van) uw pensioen en het partnerpensioen. De standaardverdeling is dat u beiden de helft krijgt. U kunt ook andere afspraken maken.

Dit wordt ook wel vereveningspensioen genoemd.

C

Collectief pensioen

Dit is een pensioenregeling waaraan alle werknemers van een bedrijf deelnemen. Pensioenfonds Accountancy is een collectief pensioen. Vaak is een collectief pensioen goedkoper dan een individuele pensioenregeling.

Consumentenprijsindex (CPI)

Deze index geeft de gemiddelde stijging van prijzen aan, de inflatie dus. Er bestaan indexen voor verschillende soorten inkomens. De consumentenprijsindex is de belangrijkste en geldt voor alle huishoudens. U vindt deze index in het Statistisch Bulletin van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Conversie

Het omzetten van pensioen in een ander soort pensioen. Een voorbeeld is als een deelnemer gaat scheiden. De ex-partner heeft dan recht op een deel van het tijdens het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioen van de deelnemer van het pensioenfonds. Als dit deel wordt omgezet naar een eigen pensioen voor de ex-partner, wordt dit wel conversie genoemd. 

Corporate governance

Corporate governance heeft betrekking op een stelsel van verhoudingen tussen de verschillende organen van de onderneming zoals bestuur, raad van commissarissen en aandeelhouders, waarbij transparantie, verantwoording en toezicht een centrale rol spelen. Pensioenfondsen beleggen in beursgenoteerde ondernemingen en zijn daarom ook aandeelhouders.

D

De Nederlandsche Bank (DNB)

Is de toezichthouder die toeziet op de financiële soliditeit van pensioenfondsen en op het naleven van wet- en regelgeving door pensioenfondsen.

Deelnemer

De werknemer of gewezen werknemer die op grond van een pensioenovereenkomst pensioenaanspraken verwerft bij een pensioenfonds.

Deelnemingsjaren

Gewerkte jaren waarover pensioen is opgebouwd. Pensioenfondsen registreren deelnemingsjaren met het oog op een mogelijk 40-deelnemingsjarenpensioen.

Deeltijdpensioen

Een werknemer gaat in deeltijd werken en laat het pensioen gedeeltelijk ingaan. Over het met werken verdiende loon gaat de pensioenopbouw door.

Dekkingsgraad

De dekkingsgraad geeft aan of het pensioenfonds met het huidige kapitaal ook werkelijk alle huidige en toekomstige pensioenen zou kunnen uitkeren. De dekkingsgraad wordt berekend door het vermogen van het pensioenfonds te delen door de huidige en toekomstige pensioenverplichtingen. Dit percentage is de dekkingsgraad.

Dienstverleningsovereenkomst (DVO)

Overeenkomst waarin de mate van dienstverlening van de opdrachtnemer ten opzichte van de opdrachtgever gespecificeerd is. Vergelijkbaar met SLA (Service Level Agreement). Pensioenfondsen sluiten een DVO met een pensioenuitvoeringbedrijf bij uitbesteding van werkzaamheden.

DNB

Zie De Nederlandsche Bank.

DVO

Zie dienstverleningsovereenkomst.

DVO-rapportage

Rapportage over het naleven van de afspraken over de dienstverlening ten behoeve van de opdrachtgever.

E

Echtscheiding

Ontbinding van het huwelijk door een rechterlijk vonnis.

Eindloonregeling

Dit is een regeling waarbij het salaris aan het einde van de loopbaan gebruikt wordt als basis voor het pensioen. Pensioenfonds Accountancy kent de middelloonregeling. Dat betekent dat het gemiddelde van de salarissen tijdens de loopbaan het uitgangspunt vormt bij de opbouw van het pensioen.

Ex-deelnemer

U bent geen deelnemer meer aan de pensioenregeling van Pensioenfonds Accountancy als uw deelnemerschap is beëindigd, anders dan door het bereiken van de pensioeningangsdatum of door overlijden. Ex-deelnemers worden ook wel slapers genoemd.

Excedent-pensioenregeling

Deze aanvullende verzekering is bedoeld voor deelnemers die jaarlijks meer verdienen dan een bepaald vastgesteld maximum bedrag. Gewoonlijk bouwen deelnemers geen pensioen op over het gedeelte boven dat maximum. Door middel van de excedentregeling kan dit pensioenverlies worden opgevangen. 

F

Factor A

De pensioenaangroei in een kalenderjaar. De factor A is nodig voor de berekening van lijfrenteaftrek.

Financieel Toetsingskader (FTK)

Onderdeel van de Pensioenwet waarin de financiële eisen aan pensioenfondsen zijn vastgelegd. Doelstelling van het FTK is de bescherming van de pensioenaanspraken van deelnemers. Het FTK stelt eisen aan het pensioenfonds over onder meer de hoogte van de dekkingsgraad en het kunnen opvangen van een daling van de aandelenkoersen of van de rente.

Franchise

Dat is het deel van het salaris waarover geen ouderdomspensioen wordt opgebouwd. Dat is namelijk niet nodig. Iedereen krijgt van de overheid een AOW-uitkering. Het pensioen van Pensioenfonds Accountancy komt daar bovenop. De franchise is dus eigenlijk het deel van het loon waarvoor de AOW al in een pensioen voorziet. 

FTK

Zie Financieel toetsingskader.

G

Gegevensleverancier

Partij die gegevens verstrekt die nodig zijn voor de uitvoering van de pensioenregeling. Het kan gaan om de werkgever of zijn administratiekantoor (in- en uitdienstmeldingen en loongegevens), de GBA (aanvang en einde huwelijk of geregistreerd partnerschap) of het UWV (arbeidsongeschiktheid).

Gemoedsbezwaarde

Een (rechts)persoon die vanuit de eigen levensbeschouwing bezwaren heeft tegen verzekeren en in het bezit is van een 'bewijs van vrijstelling wegens gemoedsbezwaren' afgegeven door de Sociale Verzekeringsbank. Er vindt geen pensioenopbouw plaats en er worden geen risico's gedekt. In plaats daarvan bouwt men met de ingelegde gelden een spaarsaldo op.

Gepensioneerde

Iemand voor wie het ouderdomspensioen is ingegaan.

Geregistreerd partnerschap

Partners kunnen hun partnerschap laten registreren bij de burgerlijke stand, in plaats van te trouwen. De gevolgen zijn bijna gelijk aan die van een huwelijk. Ook als het gaat om het pensioen. Geregistreerde partners hebben net als echtgenoten recht op partnerpensioen bij overlijden. Pensioenfonds Accountancy erkent ook ongeregistreerde partners op voorwaarde dat er wel een samenlevingscontract bestaat dat is opgesteld door een notaris, waarin de partners worden aangewezen als begunstigde voor elkaars partnerpensioen.

Gewezen deelnemer

Een gewezen deelnemer (ook wel slaper) is een werknemer die niet meer onder het pensioenfonds valt. Meestal gebeurt dit door ontslag of een andere baan in een andere sector. Een gewezen deelnemer kan zijn pensioenspaarpot meenemen naar zijn nieuwe pensioenfonds. Dit heet waardeoverdracht. 

H

Herstelplan

Plan van aanpak waarin het pensioenfonds laat zien welke maatregelen het neemt om de dekkingsgraad te verbeteren. Het korte termijn herstelplan bevat maatregelen om binnen drie jaar (tijdelijk vijf jaar) weer een minimale dekkingsgraad van 105% te hebben. Het lange termijn herstelplan bevat maatregelen om binnen vijftien jaar weer te beschikken over het vereist eigen vermogen (circa 120% dekkingsgraad).

Huwelijk

Trouwen voor de burgerlijke stand.

Huwelijkse voorwaarden

Schriftelijke afspraken die u voor of tijdens het huwelijk bij de notaris maakt over wat wel en niet in de huwelijksgoederengemeenschap valt.

I

Indexatie (indexeren)

Zie toeslag.

Inflatie

Inflatie is een waardevermindering van het geld die ontstaat door prijsstijgingen. Door prijsstijging kan een daling van de koopkracht optreden. Dit gebeurt alleen als de lonen procentueel minder snel stijgen dan de prijzen. Geld wordt dan minder waard en dus kunt u voor hetzelfde geld minder goederen en diensten kopen.

J

Jaarverslag

Verslag waarin het bestuur van het pensioenfonds verantwoording aflegt over in het afgelopen jaar gevoerde beleid.

K

Kapitaaldekkingsstelsel

In Nederland gebruiken pensioenfondsen voor de financiering van pensioenen het kapitaaldekkingsstelsel. Dat wil zeggen dat een pensioenfonds voor elke werknemer geld (kapitaal) spaart om later een uitkering te kunnen doen. Nederlandse pensioenfondsen zijn verplicht om het kapitaaldekkingsstelsel te gebruiken. Dat is zo geregeld in de Pensioenwet. Dat maakt het Nederlandse pensioensysteem het meest zekere systeem ter wereld.

Tegenover het kapitaaldekkingsstelsel staat het omslagstelsel. Daarbij wordt geen geld gespaard. De premies die werknemers en werkgevers betalen, worden nog in hetzelfde jaar uitbetaald in de vorm van pensioenen voor gepensioneerde deelnemers. De AOW van de overheid is een voorbeeld van een omslagstelsel. Ook de VUT en in zekere mate het aanvullend prepensioen wordt zo betaald.

Keuzerecht

Het recht om uiterlijk op de pensioendatum het opgebouwde partnerpensioen om te zetten in een hoger of eerder ingaand ouderdomspensioen (niet als het partnerpensioen op risicobasis is verzekerd). En het recht een deel van het ouderdomspensioen bij ontslag of pensionering om te zetten in partnerpensioen.

Kind

Als kind van de (gewezen) deelnemer geldt: eigen kinderen of stief- of pleegkinderen die als eigen kind worden onderhouden en opgevoed. Een kind kan tot een bepaalde leeftijd in aanmerking komen voor wezenpensioen. Uitkering vindt plaats na overlijden van de (gewezen) deelnemer. 

L

Levensloopregeling

Het doel van de regeling is om een langere periode van verlof te kunnen financieren. Deze regeling is per januari 2012 komen te vervallen. Voor werknemers die voor 1 januari 2012 hebben deelgenomen is er een overgangsregeling. Hierdoor is  voortzetting van de levensloopregeling ook  na 1 januari 2012 mogelijk. Als een werknemer per 31 december 2011 meer dan € 3.000 heeft gespaard kan de regeling worden voortgezet. Tijdens het verlof blijft u in dienst bij uw werkgever en ontvangt u dus gewoon inkomen. U mag levensloop gebruiken voor elke vorm van verlof. Meer informatie over levensloop vindt u op www.minszw.nl.

Lijfrente

Een lijfrente lijkt op een pensioenuitkering. Iedereen kan een lijfrente afsluiten. Of u nu werkt of niet. U betaalt maandelijks of jaarlijks een premie. Aan het einde van de verzekerde periode ontvangt u later een maandelijkse uitkering. De uitkering gaat in op een van te voren vastgestelde leeftijd, bijvoorbeeld 65 jaar. En loopt door totdat u overlijdt.

Loongegevens

Specificatie van de arbeidsverhouding tussen werknemer en werkgever, met name gegevens over geldelijke vergoeding.

Loonheffingskorting

Als u een uitkering of loon ontvangt, heeft u recht op de zogenoemde `loonheffingskorting'. Door toepassing van deze korting betaalt u minder belasting en premies volksverzekeringen. Bij de aanvraag van een uitkering zal UWV u vragen of de loonheffingskorting moet worden toegepast. Meer informatie vindt u op www.belastingdienst.nl.

Loonstijging

Ontwikkeling van de lonen over een bepaalde periode.

M

Maximum loongrens

Een bovengrens aan het loon. Over het loon daarboven vindt geen pensioenopbouw plaats.

Middelloonregeling

Pensioenregeling waarin een vast percentage van de pensioengrondslag aan pensioen wordt opgebouwd. Het pensioen is gebaseerd op het gemiddelde van de lonen van een werknemer tijdens zijn loopbaan. De pensioenregeling van Pensioenfonds Accountancy is een middelloonregeling.

N

Nabestaanden

De kinderen en de partners van de overleden (gewezen) deelnemer met wie de partner was gehuwd, een geregistreerd partnerschap of een samenlevingsovereenkomst had.

Nabestaandenpensioen

In de wet is nabestaandenpensioen een verzamelnaam voor het weduwepensioen, het weduwnaarspensioen, het partnerpensioen voor ongehuwde partners en het wezenpensioen. Pensioenfonds Accountancy kent een partnerpensioen en een wezenpensioen. Hieronder vallen partners (gehuwd of geregistreerd) en voor de wet erkende kinderen. 

O

Ombudsman Pensioenen

Bij deze ombudsman kan iedereen terecht met klachten en geschillen over de uitvoering van het pensioenreglement van een pensioenfonds. Dit kan pas als men eerst heeft geprobeerd de klacht op te lossen via de klachtenprocedure van het pensioenfonds. Klachten die gaan over het pensioenreglement zelf behandelt de Ombudsman Pensioenen niet.

Onbetaald verlof

De periode waarin u wel in dienst bent bij uw werkgever, maar geen salaris ontvangt. In de meeste gevallen werkt u in deze periode niet. U bent in deze periode wel verzekerd voor het partnerpensioen (een inkomen dat uw partner krijgt als u zou komen te overlijden) en het arbeidsongeschiktheidspensioen. In sommige gevallen bouwt u in deze periode ook een ouderdomspensioen op. U moet dan wel de premie voor uw pensioen betalen. Stem altijd met uw werkgever af, hoe dit precies bij u zit als u met onbetaald verlof gaat. In het geval van ouderschapsverlof bouwt u altijd een ouderdomspensioen op.

Ondernemingspensioenfonds (Opf)

Pensioenfonds dat de pensioenregeling uitvoert voor een onderneming of een groep van ondernemingen. 

Opbouwpercentage

Een vast percentage van de pensioengrondslag waarover pensioen wordt opgebouwd. Dit percentage verschilt per pensioenregeling.

Opf

Zie ondernemingspensioenfonds.

Ouderdomspensioen

Een levenslange uitkering die ingaat op de pensioendatum.

P

Partner

Een echtgenoot of partner van een (gewezen) deelnemer die gehuwd is of een geregistreerd partnerschap of een (notarieel) samenlevingsovereenkomst heeft met deze (gewezen) deelnemer.

Partnerpensioen

Pensioen ten behoeve van de partner. Uitkering vindt plaats na overlijden van de deelnemer. Het partnerpensioen kan opgebouwd of op risicobasis zijn. Een opgebouwd partnerpensioen blijft staan als de deelneming eindigt. Bij het partnerpensioen op risicobasis vervalt het partnerpensioen als de deelneming eindigt (doordat de premiebetaling stopt, bijvoorbeeld bij ontslag).

Pensioen

Verzamelnaam voor periodieke uitkeringen (meestal maandelijks), die het vroegere loon vervangen in geval van ouderdom, overlijden of arbeidsongeschiktheid.

Pensioenaanspraak

Een recht op toekomstige pensioenuitkeringen. Dit recht ontstaat door deelname aan een pensioenregeling.

Pensioenfonds

Een rechtspersoon die de pensioenregeling uitvoert voor één of meer bedrijfstakken, voor een onderneming of een groep van ondernemingen of voor vrije beroepsbeoefenaren.

Pensioengat

Het verschil tussen de gewenste hoogte van het pensioen en het feitelijke pensioen.

Pensioengerechtigde

Persoon voor wie het pensioen is ingegaan.

Pensioengevend loon

De bestanddelen van het loon die meetellen bij het berekenen van de pensioengrondslag.

Pensioengevend salaris

Het pensioengevend salaris is dat deel van uw salaris waarover u een pensioen opbouwt. Omdat u vanaf uw AOW-leeftijd ook een AOW-uitkering ontvangt van de overheid, bouwt u niet over uw gehele pensioengevend salaris een pensioen op. Het pensioengevend salaris is grofweg 12x uw vaste bruto maandsalaris.

Pensioengrondslag

Het deel van het loon waarover pensioen wordt opgebouwd. In de praktijk is dit meestal het pensioengevend loon minus de franchise.

Pensioengrondslag

Dit is het pensioengevend salaris min de franchise (dat deel waarover u géén pensioen opbouwt). Met de pensioengrondslag wordt de hoogte van uw pensioen berekend.

Pensioenovereenkomst

De arbeidsvoorwaardelijke afspraken tussen de werkgever of werkgeversorganisaties en de werknemer of werknemersorganisaties die betrekking hebben op pensioen.

Pensioenoverzicht

Zie Uniform Pensioenoverzicht.

Pensioenrechten

Het recht op ingegaan pensioen.

Pensioenregeling

In de pensioenovereenkomst gemaakte afspraken over het pensioen.

Pensioenregister

Een digitaal totaaloverzicht van alle bij pensioenfondsen en pensioenverzekeraars opgebouwde pensioenaanspraken en te bereiken pensioenen. Het bevat ook het recht op AOW. Het Pensioenregister is vanaf januari 2011 operationeel.

Pensioenreglement

Algemene beschrijving van de pensioenregeling. Daarin is vermeld wie deelnemen aan de regeling en hoe hoog de pensioenen zijn en wanneer ze ingaan.

Pensioenwet

Wet waarin regels zijn opgenomen ter waarborging van pensioenen.

Pension Fund Governance (PFG)

Principes voor goed pensioenfondsbestuur. Het gaat daarbij vooral om de wijze waarop het bestuur is georganiseerd, verantwoording aflegt aan belanghebbenden en de wijze waarop het intern toezicht is georganiseerd.

PFG

Zie Pension Fund Governance (PFG).

Premie

Het geld dat een werkgever periodiek aan het pensioenfonds afdraagt voor de financiering van pensioen.

Premiefactuur

Specificatie van de premies in rekening gebracht bij de werkgever.

Premienota

Zie premiefactuur.

Premieovereenkomst

Een pensioenovereenkomst waarbij een premie wordt vastgesteld, waarmee een kapitaal wordt opgebouwd. Dit kapitaal wordt uiterlijk op de pensioendatum omgezet in een pensioenuitkering.

Premievrije opbouw (PVO)

Wanneer een deelnemer aan een pensioenregeling geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt wordt, komt de pensioenopbouw voor rekening van het pensioenfonds. De meeste pensioenfondsen kennen zo’n regeling.

Prepensioen

Tijdelijk pensioen voor de periode vóór 67 jaar.

Prijsstijging

Ontwikkeling van de prijzen over een bepaalde periode.

PVO

Zie premievrije opbouw.

R

Reductie

Op verzoek van de deelnemer een tijdelijke vermindering van de premie en de pensioenopbouw. Dit kan alleen bij beroepspensioenfondsen.

Regeling

Zie pensioenregeling.

Reglement

Zie pensioenreglement.

Rekenrente

De rekenrente is een fictief rentepercentage waarmee de groei van het pensioenvermogen in de toekomst wordt berekend. Op basis van dit berekende vermogen wordt gekeken of er voldoende geld is om in de toekomst de pensioenuitkeringen te kunnen betalen. De Nederlandsche Bank controleert pensioenfondsen hierop.

Rendement

Het rendement is opbrengst over het belegd vermogen van het fonds. Het rendement komt uit de stijging van de waarde van de bezittingen. Bijvoorbeeld aandelen en vastgoed. Maar ook uit directe inkomsten zoals rente en dividend en geld uit verhuur van winkels, kantoren en woningen.

Restverdiencapaciteit

Arbeidsongeschikte werknemers zijn vaak niet voor 100% arbeidsongeschikt. Als een werknemer 60% arbeidsongeschikt is, dan zou hij met werken nog 40% salaris kunnen verdienen. Die 40% noemen we de restverdiencapaciteit.

S

Samenlevingsovereenkomst

Een contract waaruit blijkt dat de werknemer samenwoont met een partner. Pensioenfonds Accountancy keert een partnerpensioen uit als het samenlevingscontract door een notaris is opgesteld, en als daarin enkele vermogensrechtelijke afspraken zijn gemaakt.

Scheiding

Onder scheiden verstaat het pensioenfonds een echtscheiding, scheiding van tafel en bed en de verbreking van een geregistreerd partnerschap. Een scheiding heeft gevolgen voor het ouderdomspensioen. Uw ex-partner heeft recht op een deel van het ouderdomspensioen dat u tijdens het huwelijk heeft opgebouwd. Meestal is dit 50%, maar u kunt hier ook afwijkende afspraken over maken met uw ex-partner. Deze afspraken moeten dan wel formeel zijn vastgelegd.

Service Level Agreement (SLA)

Overeenkomst waarin de mate van dienstverlening van de opdrachtnemer ten opzichte van de opdrachtgever gespecificeerd is. Vergelijkbaar met DVO (dienstverleningsovereenkomst).

SLA

Zie Service Level Agreement.

SLA-rapportage

Rapportage over het naleven van de afspraken over de dienstverlening ten behoeve van de opdrachtgever.

Slaper

Zie gewezen deelnemer.

Sociale Verzekeringsbank (SVB)

Overheidsorgaan dat belast is met de uitvoering van de AOW en de Anw.

Startbrief

Een document dat binnen drie maanden na de start van deelname aan de pensioenregeling aan de deelnemer moet worden verstrekt. In dit document wordt de deelnemer geïnformeerd over een aantal onderwerpen waaronder de inhoud van de pensioenregeling en de toeslagverlening. Werkgevers zijn verplicht nieuwe werknemers aan te melden bij het pensioenfonds.

Stopbrief

Een document dat binnen drie of vier maanden na beëindiging van deelname aan de pensioenregeling aan de gewezen deelnemer moet worden gestuurd. In de brief staat een overzicht van het opgebouwde pensioen en informatie over toeslagverlening en waardeoverdracht. Werkgevers zijn verplicht vertrekkende werknemers af te melden bij het pensioenfonds.

SVB

Zie Sociale Verzekeringsbank.

T

Toeslag

Verhoging (indexatie) van een pensioen of van een aanspraak op pensioen. Wordt in beginsel jaarlijks verleend op grond van een in het pensioenreglement omschreven regeling. Is meestal gekoppeld aan loon- of prijsstijging.

Toezichthouder

Organisatie die toezicht houdt op pensioenfondsen. Zie bij De Nederlandsche Bank (DNB) en Autoriteit Financiële Markten (AFM).

U

Uitbestedingsovereenkomst

Overeenkomst tussen het pensioenfonds en het pensioenuitvoeringsbedrijf over de werkzaamheden die voor het pensioenfonds worden gedaan.

Uitdiensttreding

Als u uit dienst gaat bij uw werkgever, stopt meestal ook uw pensioenopbouw bij het pensioenfonds. Het pensioen dat u heeft opgebouwd, blijft bij het pensioenfonds. Voor het pensioenfonds bent u dan 'slaper' of 'gewezen deelnemer'.

Gaat u bij een andere werkgever werken? Dan kunt u uw pensioen naar uw nieuwe pensioenfonds overdragen. Dit heet waardeoverdracht. U kunt dit verzoek bij uw nieuwe pensioenfonds indienen.

Uitkeringsovereenkomst

Pensioenovereenkomst waarbij een pensioenuitkering wordt vastgesteld. 

Uitruil

Uitruil van pensioensoorten. Het keuzerecht om ouderdomspensioen om te zetten in partnerpensioen of om partnerpensioen om te zetten in een hoger of eerder ingaand ouderdomspensioen (zie ook keuzerecht). 

Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (UWV)

UWV verzorgt de uitvoering van de sociale verzekeringen voor werknemers: de Werkloosheidswet (WW), de Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). 

Uitvoeringsovereenkomst

Overeenkomst tussen de werkgever en het pensioenfonds over de uitvoering en financiering van de pensioenregeling. 

Uitvoeringsreglement

Reglement bij bedrijfstakpensioenfonds waarin de verplichtingen van de werkgevers zijn geregeld. 

Uniform Pensioenoverzicht

Gestandaardiseerd overzicht dat pensioenfondsen en verzekeraars jaarlijks aan deelnemers verstrekken om te informeren over de uitkering bij pensionering, overlijden en arbeidsongeschiktheid. 

UPO

Zie Uniform pensioenoverzicht. 

UWV

Zie Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen. 

V

VUT

Met de Vervroegde Uittreding (VUT) kunt u voor de pensioendatum uit dienst. U krijgt dan wel een VUT-uitkering. U kunt geen rechten opbouwen, zoals bij een pensioenuitkering. Bij ontslag vervallen u aanspraken op VUT. In 2006 is de VUT-regeling vervangen door een levensloopregeling.

W

Waardeoverdracht

Het overdragen van de waarde van pensioenaanspraken om pensioenverlies te voorkomen wanneer een werknemer van werkgever wisselt.

Waardevast

Er is sprake van een waardevast pensioen als de stijging van de pensioenen gelijk op gaat met de prijsstijging. De koopkracht van het pensioen blijft daardoor gelijk.

WAO

Zie Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering.

Welkomstbrief

Zie startbrief.

Welvaartsvast

Er is sprake van een welvaartsvast pensioen als de stijging van de pensioenen gelijk op gaat met de loonontwikkeling.

Werkgever

De natuurlijke of rechtspersoon, die het bakkersbedrijf exploiteert.

Werkgeverspremie

Het deel van de pensioenpremie dat voor de rekening van de werkgever komt.

Werkloosheidswet (WW)

De WW is een werknemersverzekering die voorziet in uitkeringen aan werknemers die (gedeeltelijk) werkloos zijn. De hoogte en duur van de uitkering is afhankelijk van de hoogte van het door de werknemer genoten (dag)loon en het arbeidsverleden.

Werknemer

De persoon die een dienstbetrekking heeft met een werkgever.

Werknemerspremie

Het deel van de pensioenpremie dat voor de rekening van de werknemer komt.

Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO)

De WAO is een werknemersverzekering die voorziet in uitkeringen aan werknemers die langer dan twee jaar geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn. De hoogte van de uitkering is afhankelijk van de hoogte van het door de werknemer genoten (dag)loon, de leeftijd en de mate van arbeidsongeschiktheid. De WAO is per 1-1-2006 afgeschaft en opgevolgd door de WIA.

Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA)

De WIA is een werknemersverzekering die voorziet in uitkeringen aan werknemers die langer dan twee jaar geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn.

Wezenpensioen

Pensioen ten behoeve van de kinderen van een (gewezen) deelnemer. Uitkering vindt plaats na overlijden van de (gewezen) deelnemer, meestal tot 18 of 21 jaar, of tot 27 jaar zolang het kind studeert.

WIA

Zie Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsverhouding.

WW

Zie Werkloosheidswet.

Z

Z-score

Rapportcijfer voor het rendement van het pensioenfonds. Het rendement is wat het pensioenfonds met de beleggingen verdient. De Z-score toont de mate waarin het werkelijke rendement van een pensioenfonds afwijkt van het rendement van de door het bestuur vastgestelde normportefeuille.  

Zorgplicht

De pensioenuitvoerder is verplicht om de voorlichting over pensioenen de deelnemers van het pensioenfonds te verzorgen. De werkgevers zijn op hun beurt verplicht om er op toe te zien dat dit ook gebeurt. Deze wederzijdse verantwoordelijkheid wordt de zorgplicht genoemd.